Op basis van een uitgebreid literatuuronderzoek, een landenstudie en een interviewronde met belanghebbenden concluderen we dat de effecten van het wel of niet maken van wijzigingen in de bestemming van de 28 GHz-band marginaal zijn. Hoewel de toewijzing de satellietoperators in staat stelt meer capaciteit te realiseren, is de meerwaarde voor Nederland marginaal. De gevolgen voor straalverbindingen zijn eveneens beperkt, met name omdat straalverbindingen in de 28 GHz-band relatief weinig voorkomen, de locaties waarschijnlijk niet (vaak) zullen samenvallen met die van satellietgrondstations, en er diverse oplossingsrichtingen zijn in gevallen waar desondanks sprake is van interferentie. Voor mobiele netwerken geldt dat als de uitrol van milimetergolfspectrum plaatsvindt, dan zal dit in Nederland initieel in de 26 GHz band zijn.
Gelet op de bevindingen zou een mogelijke beleidsinvulling kunnen zijn om FSS (satelliet) in ieder geval voor de korte termijn (minimaal de komende 5 jaar) een (co)primaire status te geven (met bescherming van het bestaande gebruik). Wanneer in de toekomst aannemelijk zou worden dat er vanuit mobiele netwerken en/of vaste verbindingen toch een substantiële behoefte ontstaat, zou de beleidsmaker de (co)primaire bandbreedte voor FSS indien nodig (en gelet op de dan actuele harmonisatiebesluiten en regelgeving) kunnen verkleinen.


