26-11-2024

Hoe functioneert het NRO?

Het Nationaal Regieorgaan Onderwijsonderzoek (NRO) functioneert goed en voert haar taken effectief, efficiënt en transparant uit. Dat concluderen wij in onze evaluatie van het NRO, die vandaag openbaar is gemaakt. De missie van het NRO luidt: “Met kennis uit onderzoek een bijdrage leveren aan versterking van de kwaliteit van het onderwijs”. Hiertoe programmeert, financiert en dissemineert het NRO onderzoek om de wetenschappelijke onderbouwing van keuzes in het onderwijs te versterken en het gebruik van resultaten uit onderwijsonderzoek te stimuleren. Met name over de volgende aspecten zijn wij positief:
  • Het NRO heeft een grondig doordacht en uitgewerkt governance model. In de verschillende commissies van het NRO wordt expliciet ingezet op tripartiete vertegenwoordiging. De lagen van de organisatie zijn ingericht om zo goed mogelijk aan te sluiten op het veld. De inbedding van het NRO binnen NWO biedt meer voordelen dan nadelen.
  • Het NRO slaagt erin vraaggestuurd te programmeren. Er is een intensieve interactie met het veld. Met de kennisagenda’s positioneert het NRO zich duidelijker in de regierol.
  • Het NRO betrekt alle onderwijssectoren en bewaakt de balans tussen de doelgroepen wetenschap, onderwijspraktijk en onderwijsbeleid. Het (v)mbo blijft achter; daarbij spelen echter ook factoren die buiten het NRO liggen.
  • Het NRO financiert onderwijskundig onderzoek naar behoren. De inbedding binnen NWO biedt hier duidelijke meerwaarde.
  • Het NRO streeft naar transparantie en betrekt het veld intensief via bevragingen en programma- en expertcommissies. Op het gebied van de kerntaken financieren en dissemineren is NRO voldoende transparant.
We zien ook een aantal aandachtspunten. Hiervoor doen we een aantal concrete aanbevelingen.
  • Aanbeveling 1: Verbeter de balans tussen structurele en additionele middelen.
  • Aanbeveling 2: Ontwikkel een duidelijker visie op de invulling van de missie van het NRO en hoe disseminatie hieraan bijdraagt.
  • Aanbeveling 3: Verbeter de transparantie van programmering die tot stand komt op basis van additionele middelen. Het is belangrijk dat het NRO wendbaar blijft en kan inspelen op actuele thema’s, maar hierbij moet het voor het veld duidelijk zijn waar onderzoeksvragen en middelen vandaan komen.
  • Aanbeveling 4: Betrek het veld bij de transitie naar een kennisinstituut. Wees expliciet in welke kansen een kennisinstituut biedt en welke rol het kennisinstituut wil nemen in relatie tot de kennisinstellingen.
Voor deze evaluatie hebben we gebruik gemaakt van deskresearch, twintig (groeps)interviews waarin 36 betrokkenen gesproken zijn, en een enquête onder aanvragers van subsidies en beurzen. Deze enquête is verstuurd aan 2.722 personen, en ingevuld door 720 (netto responspercentage van 32,2%). Ten slotte is een SWOT-analyse uitgevoerd.

De reacties van zowel NWO als NRO op onze evaluatie zijn hier te lezen. Wij zijn blij dat beide organisaties onze conclusies en aanbevelingen onderschrijven. Ten slotte zullen we met interesse de ontwikkeling van het NRO blijven volgen, ook met het oog op de aangekondigde bezuinigingen uit de meest recente OCW-begroting.