In recente jaren is online fraude een steeds belangrijker onderwerp geworden voor het bedrijfsleven. Recent onderzoek liet zien dat in 2023/24 69% van de bedrijven te maken heeft gehad met online fraudepogingen. Slachtoffers van online bedrijfsfraude kunnen te maken krijgen met financiële schade, reputatieschade, en/of een verhoging van de bedrijfskosten. Kennis van de aard en omvang van schade door online fraude in het Nederlandse bedrijfsleven is noodzakelijk voor gerichte (beleids)inspanningen, om slachtofferschap van het bedrijfsleven tegen te gaan en om bedrijven die slachtoffer zijn geworden te voorzien van passende hulp. Het huidige onderzoek heeft tot doel een representatieve schatting uit te voeren voor de aard en de omvang van de schade die het bedrijfsleven ondervindt als gevolg van online fraude.
Taxonomie
Uit de inventarisatie van databronnen kwam naar voren dat er uiteenlopende classificatiesystemen voor online fraude worden gebruikt. Hierdoor is het lastig om resultaten uit verschillende bronnen met elkaar te vergelijken. Daarom hebben de onderzoekers een eigen classificatiesysteem (taxonomie) ontwikkeld, met drie niveaus: de verwachte opbrengst voor de dader, de werkwijze (modus operandi) van de dader en de verdere uitwerking daarvan in verschillende fraudevormen.
Resultaten
De schattingen zijn gebaseerd op drie databronnen: politieregistraties, meldingen bij de Fraudehelpdesk Zakelijk en een enquête onder een panel van 600 ondernemers van Ipsos I&O. De enquête die via de koepelorganisaties werd verspreid, leverde onvoldoende reacties op. De uitkomsten liepen sterk uiteen: het aantal geschatte fraude-incidenten varieerde van iets minder dan 1.700 tot bijna 190.000, terwijl de directe financiële schade werd geschat tussen 14 en 211 miljoen euro. In de politieregistraties ontbreekt (betrouwbare) informatie over de financiële schade per incident.Aanbevelingen
Om beter inzicht te krijgen in online fraude bij bedrijven is het belangrijk dat er in de toekomst meer gegevens worden verzameld en dat de kwaliteit van de beschikbare data verbetert. De onderzoekers doen hiervoor verschillende aanbevelingen:- Aan de politie: leg in ieder geval vast of een melder een particulier of een bedrijf is, en welke schade het fraude‑incident heeft veroorzaakt. Dit levert beter zicht op het slachtofferschap op.
- Aan de organisaties die de databronnen beheren: werk met één gezamenlijke taxonomie voor online fraude, bijvoorbeeld de indeling die in dit onderzoek is voorgesteld. Gezien de centrale rol van de Fraudehelpdesk Zakelijk zou overwogen kunnen worden om hen hiervoor verantwoordelijk te maken.
- Aan de Fraudehelpdesk Zakelijk: overweeg om ook bedrijfskenmerken, zoals sector en grootte, uit te vragen bij meldingen. Dit maakt het mogelijk om gerichter beleid te ontwikkelen voor de preventie en aanpak van online fraude.


