De luchtvaartsector werkt – volgens de Innovatiestrategie Luchtvaart (2023) – aan een duurzamere en veiligere sector. Doelen zijn bijvoorbeeld dat de sector blijft zorgen voor internationale verbondenheid, maar minder overlast creëert voor de leefomgeving. Er zijn verschillende routes om deze doelstellingen te bereiken, zoals anders reizen, minder reizen of door het inzetten van innovatie in technologieën of processen. Het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat (IenW) heeft ons gevraagd om te kijken hoe het innovatiesysteem in de luchtvaart functioneert: is het systeem goed ingericht om innovatie te bevorderen? Hoe monitor je dat?
In opdracht van IenW zijn we met deze vragen aan de slag gegaan met behulp van het kader voor Transformatiegericht beleid, dat voortbouwt op het TransMissie-model. Door het ontwikkelen en toepassen van een nieuwe monitor brachten we in kaart welke factoren innovatie stimuleren en welke juist belemmerend werken. Deze analyse leverde per casus uit de innovatiestrategie verschillende inzichten op. Zo ontwikkelt innovatie rond drones zich in Nederland zo snel dat de regelgeving het soms nauwelijks kan bijbenen. Tegelijkertijd is er veel kennis aanwezig over duurzame vliegtuigaandrijving, maar blijven prikkels om het gebruik van fossiele en vervuilende brandstoffen af te bouwen en over te stappen op waterstof – ondanks verschillende normen – beperkt.
Het TransMissie-model heeft zijn meerwaarde bewezen voor het analyseren van innovatiesystemen die gericht zijn op maatschappelijke doelstellingen. Op basis van het bijbehorende advies voor Transformatiegericht beleid identificeerden wij aanknopingspunten om de rol van IenW, andere overheden en de sector in het innovatiesysteem te versterken. Een vergelijkbare methodiek passen wij toe bij het analyseren van succesfactoren en beleidsopties voor transitie- en transformatieprocessen in andere sectoren, zoals de voedingsmiddelenindustrie.


