Interview met Vincent Mosmuller

Een slimmer collegejaar

De werkdruk en studiedruk aan Nederlandse universiteiten is hoog. Afgelopen jaar heeft Dialogic samen met Oberon en CHEPS een internationale vergelijking van het collegejaar uitgevoerd. Hierbij is gekeken naar de impact van de lengte het collegejaar op onder andere de studie- en werkdruk. Het onderzoek gaf inzicht in wat Nederlandse universiteiten kunnen leren van andere Europese universiteiten als het gaat om het creëren van meer rust en ruimte in het collegejaar.

Onderzoeker Vincent Mosmuller werkte mee aan dit onderzoek en vertelt over zijn ervaring.

Wat was de aanleiding van het onderzoek? 

Dat was een rapport van de Jonge Akademie waarin zij betogen dat de lengte en indeling van het academisch jaar in Nederland bijdraagt aan de hoge werkdruk van studenten en docenten. In samenwerking met Oberon en Cheps zijn we gevraagd om te onderzoeken of Nederland ook echt een langer en zwaarder academisch jaar heeft dan andere landen en of dit te koppelen is aan de hoge werk- en studiedruk. Hierbij werd ook gevraagd of wij met een soort ‘blauwdruk’ konden komen van een slimmer academisch jaar. 

Hoe hebben jullie het onderzoek aangepakt?

We hebben vijf Nederlandse opleidingen geselecteerd aan vijf verschillende universiteiten: Biomedische Wetenschappen, Electrical Engineering, Geschiedenis, Psychologie en Scheikunde. We hebben bewust gekozen voor een mix van zowel alfa-,bèta- en medische richtingen om typische verschillen tussen richtingen zoals het aantal contacturen en manier van tentaminering mee te nemen. Vervolgens hebben we vijf Europese universiteiten gekozen die vergelijkbaar zijn met de Nederlandse universiteiten en die een aantal van deze opleidingen aanbieden. Zo konden we elke Nederlandse opleiding vergelijken met de drie buitenlandse varianten. 

Deze vergelijking hebben we gedaan op basis van zowel openbare bronnen (denk aan academische kalenders, opleidingswebsites, etc.) als interviews met vertegenwoordiging van de opleiding. De combinatie van de ‘papieren werkelijkheid’ en de interviews was voor ons erg belangrijk. Zo zorgen de interviews voor verdieping op een aantal zaken die niet in openbare bronnen staat, en tonen ze ook waar dingen in de praktijk anders lopen dan op papier. Zo hebben we bijvoorbeeld ontdekt dat de formeel vastgelegde urenbesteding vaak aanzienlijk hoger is dan de daadwerkelijke tijd die in de praktijk wordt besteed, met name in het buitenland.

Wat viel op in de resultaten?

Het onderzoek bevestigt de stelling van de Jonge Akademie dat het Nederlandse collegejaar lang en vol is. De onderstaande figuur geeft dat heel mooi weer. De onderzochte Nederlandse opleidingen hanteren allemaal een langer academisch jaar dan de buitenlandse tegenhangers. Een opvallend verschil is dat Nederlandse opleidingen als enige een systeem met minimaal vier blokken hanteren, terwijl de andere instellingen gebruikmaken van een twee-blokken systeem. Dit resulteert in beduidend meer tentamenmomenten voor Nederlandse studenten. Daarnaast viel het verschil in de omgang met hertentamens op: Nederlandse opleidingen bieden veel meer hertentamenmomenten aan dan hun buitenlandse tegenhangers. Buitenlandse opleidingen beperken herkansingen over het algemeen tot één moment in het jaar.  

We zien dus dat Nederland een langer collegejaar heeft waarin meer (her)tentamenmomenten zitten. Het is echter lastig om dit direct te koppelen aan een zwaardere werk- en studiedruk. We zien dat deze druk ook speelt bij de buitenlandse opleidingen. ‘Context’ in een land of rond een instelling is ook een belangrijke factor. Moet een student een bijbaan hebben om rond te komen, staan docenten onder grote druk vanuit onderzoekstaken? Onze vergelijking heeft daarom dus geen uitspraken kunnen doen over hoe het ‘ideale’ collegejaar eruit ziet. Wel hebben we een aantal knoppen gedefinieerd waaraan gedraaid kan worden. 

Jullie zijn met een aantal aanbevelingen gekomen. Welke vond je zelf het meest interessant? 

Om de werkdruk te verminderen kan het nodig zijn om keuzes te maken die vanuit pedagogisch-didactisch oogpunt suboptimaal zijn. 

Er is soms een balans tussen werk- en studiedruk en pedagogisch-didactische prestaties. In het onderzoek werd het vele toetsen in Nederland vaak genoemd als reden voor zowel een hoge werk- en studiedruk. Het zorgt voor een soort ‘hijgerigheid’ bij studenten en het vraagt om veel nakijkwerk bij docenten. Echter weten we uit onderzoek dat continu toetsen betere leerprestaties oplevert dan één tentamen aan het einde van een lang semester. Hetzelfde geld voor de lengte van het collegejaar. Een eventuele inkorting gaat ten koste van lesmateriaal. Hier zit dus een belangrijke uitruil waar de opleidingen zelf uiteindelijk een goed overwogen keuze over moeten maken.

Meer weten over het onderzoek? Lees het rapport hier.